Ga naar inhoud

Uitkomsten enquête overbruggings- en pensioenregeling Nederlandse topsporters

In april hebben we ruim 1000 topsporters gevraagd om een enquête in te vullen over de behoefte aan een overbruggings- en/of pensioenregeling voor topsporters. Er hebben in totaal 278 topsporters de enquête ingevuld zodat we een goed beeld hebben gekregen van wat er speelt. De belangrijkste conclusies zijn:

 

  1. Nagenoeg geen van de respondenten heeft op dit moment een overbruggingsregeling.
  2. Ruim een kwart van de respondenten heeft (deels) pensioen opgebouwd, veelal vanuit een ander of eerder dienstverband.
  3. 60% van de respondenten heeft behoefte aan een overbruggingsregeling.
  4. Van de respondenten die nog geen pensioen heeft opgebouwd, heeft 73% behoefte aan een pensioenregeling.
  5. Een hogere prioriteit ligt bij een regeling ter overbrugging van de periode tussen het stoppen met topsport en het starten van een nieuwe carrière.
  6. Circa de helft van respondenten (51%) is bereid om vanaf een bruto jaarinkomen van 25.000 euro geld opzij te zetten voor een overbruggingsregeling. Voor de pensioenregeling ligt dat iets lager (47%).
  7. Het merendeel van de respondenten verdient minder dan 25.000 euro bruto per jaar. 61% van de respondenten heeft in 2013 met hun sport minder dan 20.000 euro bruto verdiend. 38% van de respondenten verdiende in 2013 met hun sport minder dan 10.000 euro bruto. 8% van de respondenten verdiende in 2013 meer dan 55.000 euro bruto.
  8. Ook de verdiensten buiten de sport zijn in de meeste gevallen laag. 84% van de respondenten verdiende in 2013 buiten hun sport niet meer dan 10.000 euro bruto.
  9. Naast reguliere vaste kosten (dagelijks levensonderhoud, kosten woning, etc.) hebben topsporters te maken met kosten voor de uitoefening van het vak van topsporter, waardoor sparen voor later lastig is. Naast kosten die vergoed worden door NOC*NSF, sportbond, club, werkgever of andere partijen, is 43% van de respondenten meer dan 5.000 euro per jaar kwijt aan topsportkosten.
  10. Op basis van de voorgaande punten is de conclusie gerechtvaardigd dat de behoefte aan beide regelingen groot is, maar er weinig geld onder topsporters beschikbaar is, om voor een overbruggingsperiode of pensioen opzij te zetten.
  11. Topsport is in de meeste gevallen een fulltime bezigheid. 76% van de respondenten besteedt meer dan 30 uur per week aan hun topsportcarrière.
  12. 42% van de respondenten geeft aan binnen een jaar na afloop van hun sportcarrière een opleiding te willen gaan (ver)volgen, terwijl 72% van de respondenten aangeeft na hun 30e te stoppen met topsport. Daar is tijd en geld voor nodig, terwijl de huidige studiefinanciering niet beschikbaar is voor studenten ouder dan 30 jaar en het effect van het nieuwe sociaal leenstelsel op studerende topsporters op dit moment nog niet duidelijk is. In veel gevallen hebben topsporters in die overbruggingsperiode minder inkomsten dan tijdens de sportcarrière.
  13. Er lijkt een verband tussen inkomsten uit sport en het moment van stoppen met topsport. Topsporters met een hoger inkomen uit sport (vanaf 30.000 euro bruto per jaar) verwachten langer door te gaan met hun topsportcarrière, dan de groep topsporters die minder dan 20.000 euro bruto met hun sport verdient.

De uitkomsten van de enquête geven een duidelijk beeld. Om ons bestuurlid Sjoerd Hamburger te citeren:

“Het onderzoek laat een schrijnende toekomst zien voor onze sporters. We hebben allemaal een top 10 ambitie uitgesproken, iedereen werkt keihard om dit waar te maken, maar voor de periode na de sport is nog bijna niks geregeld. Het gros van de Nederlandse Olympiërs verdient nauwelijks aan de sport. Ze trainen meer dan tien jaar veelal fulltime, zetten alles opzij voor de sportcarrière. Maar als ze vervolgens stoppen is er geen goed perspectief. De studie is nog niet af, er is een pensioengat van 10+ jaar en bij de eerste baan moet je als oudere instromer onderaan de ladder beginnen. Allemaal problemen waar nu te weinig oog voor is. Als sportorganisaties, belangenverenigingen en de overheid zijn we het aan de sporters verplicht om ook na de sportcarrière te zorgen voor een goede overbruggingsregeling.”

 

Het rapport laat zien waar behoefte aan is. NL Sporter zal zich maximaal inpnen om de komende maanden samen met NOC*NSF en de Atletencommissie hard te werken aan oplossingsvoorstellen. Wordt dus vervolgd!

Klik op de link voor het volledige rapport:

Rapport Overbruggingsregeling

Klik op de link voor een uitgebreider persbericht:

Persbericht Overbruggingsregeling

Bijlage 1 (PDF)
Bijlage 2 (PDF)